Van zaadje tot krop: het grondwitloof
Grondwitloof is het hart van ons bedrijf. Grondwitloof teel je niet snel of gemakkelijk. Het vraagt geduld, kennis en veel handenarbeid. Wat veel mensen niet weten: achter elke krop schuilt bijna een volledig jaar werk.
Eerst komt de wortelteelt. Die gebeurt in het licht. Alles begint met een klein zaadje. Dat zaaien we in het voorjaar, tussen april en mei, op ruggen in het veld. Tijdens de zaaiperiode werken we regelmatig tot middernacht. Het weer bepaalt het ritme. De grond moet klaar zijn, de ruggen worden getrokken en de zaadjes gaan het best de grond in net voor het begint te regenen. Zo vermijden we extra beregening en extra kosten.
Van mei tot september groeit het kleine zaadje uit tot een stevige witloofwortel met groen blad.
In het najaar, van september tot november, worden de witloofwortels gerooid. Ook dat is vaak nachtwerk en sterk afhankelijk van het weer. De bladeren worden afgesneden en de wortels gaan van het veld naar onze loods. Daar worden ze met een sorteermachine zorgvuldig geselecteerd. Daarna gaan ze in paloxen, grote bewaarkisten, en bewaren we ze in onze koelcellen op 1 °C. Zo kunnen ze enkele weken rusten.
Daarna begint het tweede deel van het proces: de kropteelt, ook wel forcerie genoemd. Dat gebeurt in het donker. De witloofwortels worden ingetafeld. Dat is een traditionele techniek waarbij de wortels rechtop naast elkaar in de grond worden geplaatst. Na ongeveer 3 weken groeit uit elke wortel een witloofkrop. Dat moet in het donker gebeuren, anders worden de witte blaadjes groen. Pas wanneer de krop goed gevormd is, wordt ze geoogst.
Van het eerste zaadje tot de krop op je bord duurt het proces bijna een volledig jaar. Die combinatie van geduld, vakmanschap en liefde voor het product maakt grondwitloof zo bijzonder.
Elke krop die ons bedrijf verlaat, heeft een verhaal achter zich. En dat proef je. In 2022 werd onze passie bekroond met de erkenning ‘Korte Keten Kop’.
Elke oogst is anders
Grondwitloof telen vraagt niet alleen geduld, maar ook flexibiliteit. Geen enkel teeltjaar is hetzelfde. Het weer speelt daarbij een belangrijke rol. Een droge lente of zomer vraagt extra beregening om de jonge planten goed te laten groeien. Te veel regen kan het werk op het veld dan weer moeilijker maken. Als telers leven we mee met de seizoenen en passen we ons voortdurend aan wat de natuur ons brengt.
Ook energie is een belangrijke uitdaging geworden. De witloofwortels worden na de oogst maandenlang gekoeld bewaard voordat ze worden ingetafeld. De sterke stijging van de energieprijzen de voorbije jaren heeft daarom een grote impact gehad op de sector.
Toch blijven we elke dag zoeken naar de beste manier om kwaliteitsvol grondwitloof te telen.
Van het veld naar de klant
Wat geoogst wordt, moet met zorg zijn weg vinden naar de klant. Een groot deel van ons grondwitloof gaat via BelOrta naar winkels en kopers. Daarnaast hoort ook rechtstreeks contact met klanten bij ons familiebedrijf, bijvoorbeeld op de markt of in onze thuiswinkel.
Die momenten maken het werk tastbaar. Matthias hoort van klanten hoe ze het witloof klaarmaken, Elke ziet van dichtbij welke producten mensen graag meenemen en Steven volgt intussen elke stap in de teelt op. Zo blijft de afstand tussen het veld en de klant klein, zonder dat we vergeten waar alles begint: bij kwaliteitsvolle producten die met zorg geteeld worden.
Naast grondwitloof telen we ook aardbeien, prinsessenbonen, aardappelen, wortelen, bloemkolen en tomaten.